
Veendam moet ingrijpend bezuinigen
AlgemeenVEENDAM - Net als veel andere gemeenten in de provincie ziet ook Veendam zich geconfronteerd met oplopende tekorten. Voor volgend jaar heeft Veendam een gat in de begroting van 1,2 miljoen euro, maar het tekort loopt op tot 4,2 miljoen. Ingrijpende bezuinigingen zijn dan ook noodzakelijk, zegt wethouder Henk Jan Schmaal.
Net als andere gemeenten ervaart de gemeente Veendam de financiële gevolgen van het Rijksbeleid (bijvoorbeeld op het gebied van de jeugdzorg) en de onzekere toekomst als gevolg van de coronapandemie. Wethouder Henk Jan Schmaal: ,,De maatschappelijke en economische gevolgen van de coronacrisis worden steeds meer zichtbaar, maar de impact hiervan op de lange termijn is nog onzeker. Daarnaast is er nog steeds onduidelijkheid over het uiteindelijke nieuwe herverdelingsmodel van de Rijksoverheid. Dit kan een behoorlijk impact gaan krijgen op de financiële positie.”
Alle zeilen bijzetten
Afwachten totdat het Rijk met geld over de brug komt, is er niet meer bij. De begroting laat duidelijk zien dat de gemeente Veendam de zeilen bij moet zetten om structureel een sluitende begroting te behouden. Op de begroting van volgend jaar prijkt al een tekort van 1,2 miljoen euro en dit tekort loopt op tot 4,2 miljoen in 2024. Er moet dus flink bezuinigd worden. Schmaal: ,,De potentiële bezuinigingsmaatregelen bieden op dit moment voldoende ruimte om deze tekorten te dekken. Het zijn ingrijpende maatregelen die wij liever niet hadden genomen, omdat het onze inwoners kan treffen. Wij kijken kritisch naar de mogelijkheden om slimmer te werken en zo de tekorten terug te dringen.”
Ambities
Ondanks de onzekerheden blijft het college zich inzetten om de inhoudelijke ambities uit het coalitieakkoord Ondernemend met menselijke maat uit te voeren en de dienstverlening aan haar inwoners op peil te houden. Er is de afgelopen jaren veel geïnvesteerd en dat blijft ook de insteek voor 2021.
Maandag 9 november bespreekt de gemeenteraad de programmabegroting 2021, inclusief het meerjarenperspectief tot en met 2024.



